Jo en Ernest: “Toen liep je hier over De Goffert en was de vraag aan iedereen niet óf maar met hoeveel we zouden winnen.”

Jo en Ernest: “Toen liep je hier over De Goffert en was de vraag aan iedereen niet óf maar met hoeveel we zouden winnen.”

Jo en Ernest zijn al jaren het gezicht van de wasruimte binnen de Eendracht. In dit interview geven we jullie een kijkje in hun leven en taken binnen de Voetbalacademie.

Zouden jullie jezelf voor kunnen stellen?

Ernest: “Mijn naam is Ernest Gentenaar, ik ben 73 jaar oud en ben geboren in Bandoeng in Indonesië. Ik ben gepensioneerd en ben alleenstaand.”

Jo: “Mijn naam is Joop (Jo) Schoonenberg, ik ben 73 jaar oud. Ik ben alleenstaand en al elf jaar met pensioen.’’

Hoelang zitten jullie al bij de club?

Ernest: “Dit is nu mijn negenentwintigste jaar bij N.E.C. Ik ben in 1992 begonnen als leider van de A1, destijds ben ik aangenomen door hoofd jeugdopleiding Jan Pruijn. Ik ben twaalf jaar leider geweest. Vervolgens ben ik in 1997 met pensioen gegaan en hier begonnen als vrijwilliger.”

Jo: “Dit is nu mijn vijfentwintigste jaar bij de club. In mijn eerste jaren was ik actief in het stadion, later ben ik bij de Voetbalacademie gaan werken.”

Hoe zijn jullie hier terecht gekomen?

Jo: “Ik zat koffie te drinken bij het stadion. Op een gegeven moment kwam Leen Looijen naar me toe en vroeg me of ik kleine klusjes in het stadion wilde doen.” 

Ernest: “Ze hadden me vroeger al een paar keer gevraagd om leider te worden. Dat was toen mijn zoon Dennis Gentenaar hier in de jeugd speelde, maar als hij dan in Groningen moest spelen en ik met een ander elftal naar Almere moest kon ik weinig wedstrijden van hem zien. Dus nadat hij de stap naar de senioren maakte, hebben ze me opnieuw gevraagd en ben ik het gaan doen.” 

Wat zijn jullie dagelijkse taken hier?

Jo en Ernest: “Nu is het anders door corona, we wassen op dit moment alleen de hesjes voor de teams. Normaal gesproken wassen we de teamkleding en de kleding van de trainers. Voorheen wasten we ook de kleding van de O21, maar omdat die nu thuis omkleden en douchen hebben we die taak voorlopig niet meer. Vroeger hadden we het materiaalbeheer van alle teams, maar dat is veranderd.”

Hoe ziet jullie dag eruit?

Jo en Ernest: “We zijn er op maandag t/m vrijdag van ongeveer negen tot twaalf. Op maandag en dinsdag wassen we de wedstrijdkleding van het weekend. Op woensdag, donderdag en vrijdag wassen we de hesjes en trainerskleding. Op vrijdag zetten we ook de teamtassen klaar voor het weekend.”

Wat doen jullie buiten N.E.C. om?

Ernest: “Ik heb vroeger veel badminton gespeeld maar door de leeftijd doe ik dit nu niet meer. Ik kook op woensdag, donderdag en in het weekend bij Toko Rinus, hier in Nijmegen.” 

Jo: “Ik heb een tweede hobby buiten N.E.C., thuis heb ik zeventig postduiven. Ik sta om zeven uur op, dan ga ik de duiven verzorgen. Ik maak eerst het hok schoon en geef ze te eten. Vervolgens ga ik naar de club om mijn werk te doen, dan ga ik naar huis en geef ik ze weer te eten. Dit doe ik dus zeven dagen per week erbij.” 

Wat hebben jullie vroeger gedaan?

Ernest: “Vroeger ben ik altijd al kok geweest. Ik ben chef-kok geweest bij defensie. Ook ben ik kok geweest bij de Limos. Verder heb ik ook nog een tijd in het Canisius ziekenhuis gewerkt. Daarna ben ik weer teruggekeerd bij defensie om te werken als kok. Later heb ik nog in Grave gewerkt om vervolgens met pensioen te gaan.” 

Jo: “Ik ben op mijn veertiende al begonnen met werken in een fabriek, dit deed ik samen met mijn broer. Later gingen mijn broer en ik in de bouw werken, hier konden we meer verdienen. Dit heb ik veertig jaar gedaan tot ik op mijn tweeënzestigste werd afgekeurd en ik met pensioen ben gegaan.” 

Wat maakt N.E.C. zo bijzonder in jullie ogen?

Jo en Ernest: “Nu, na al die tijd dat ik we hier zitten, is het mooi dat we nog steeds plezier en bezigheid hebben. Het is mooi dat we een fijne werkgroep hebben die vrijwel altijd positief is.” 

Wat is jullie mooiste moment bij N.E.C.?

Jo en Ernest: “Toen we in 2015 promoveerden met meer dan honderd doelpunten. We werden bijna ongeslagen kampioen. Toen liep je hier over De Goffert en was de vraag aan iedereen niet óf maar met hoeveel we zouden winnen, dat was mooi om over jouw eigen club te kunnen zeggen. Ook was het mooi dat we in de UEFA Cup hebben gespeeld tegen mooie clubs als Tottenham, Udinese, Spartak Moskou en HSV, dat was een mooie ervaring om mee te maken.”